Het wegennet
Start Omhoog

 

 

 

In 1821 telde Dilbeek 33 buurtwegen e.a. De belangrijkste verbindingsweg –uitgenomen de autosnelweg (RING 0)- is steeds de Ninoofsesteenweg (RIJKSWEG N8) geweest, die de gemeente van west naar oost doorkruist en opdeelt in een noordelijke en zuidelijke sector. Zoals de naam reeds laat vermoeden zorgt deze baan voor een rechtstreekse en rechtlijnige verbinding van hoofdstad met de stad Ninove. Het huidige traject werd pas gerealiseerd in 1826 door toedoen van baron Jean Bernard de Viron (1764-1834), gekend als fel Orangist (Hollandsgezind). Hij zou dit bewerkstelligd hebben ten behoeve van het troepentransport. De mondelinge overlevering zegt evenwel dat de ware toedracht eerder te zoeken is in een weerwraak van de baron op de Dilbeekse bevolking vanwege een vrouwenkwestie. Door de aarden ophoging van zo’n tien meter werd de dorpskom als het ware in twee gesneden, zodat de landbouwers een omweg dienden te maken; hetzij langs de Oude Smidsestraat ofwel naar boven de Spanjebergstraat, om aan de andere kant van de steenweg hun landerijen te kunnen bereiken.
 


De Ninoofsesteenweg begin 20e eeuw

 

 
De Ninoveschebaen of Oude Ninoofsebaan

In 1821 was dit een grote weg van 1e klasse richting Brussel-Ninove met een breedte gaande van 6 tot 11 meter. Het traject stemde evenwel niet helemaal overeen met de huidige steenweg, en maakte een noordelijke bocht om het dorpscentrum. Om de oriëntatie gemakkelijker te maken geven we de huidige straatnamen bij de bespreking van het wegennet en geprojecteerd op de toestand in 1821. Aan de hand van oud kaartenmateriaal wordt getracht de ouderdom en het belang van deze baan te tonen. Het traject loopt als volgt:

Aan de Sint-Anthoon rechts de Henri Moeremanslaan in tot aan de Kloosterstraat, deze in om rechts de Kamerijklaan te nemen, voorbij het Westrand links d’Arconatistraat rechtdoor tot aan het s’Gravenhuys (Zottenkasteel), rechts de Molenbergstraat tot aan de Bodegemstraat, het kruispunt met deze straat over de Snikbergstraat in, om links de Oude Ninoofsebaan te volgen tot aan de grens met Itterbeek.

In 1774 was de Henri Moeremanslaan –voorheen Manestraat- nog aan weerszijden beplant met bomen. In 1623 was dit ook reeds het geval, maar dan tot aan 's Gravenhuys.
 


D’Arconatistraat begin 20e eeuw

 
Bodegemweg
.- Van gemeente tot gemeente, richting Bodegem-Dilbeek-Itterbeek. In 1618 Beughemstrate. In 1774 zien we haar voor een groot gedeelte afgezet met bomen. De weg werd gekasseid in 1850. 1e klasse, 4 tot 6 meter breed; identiek met de huidige Bodegemstraat.

Rondenboschstraet.- Van gemeente tot gemeente, van Bodegem naar Dilbeek voorbijgaand aan de hoeven Rondenbos en Hongersveld. 1e klasse, 4 tot 6 meter breed.

Beckerzeelweg .- Van gemeente tot gemeente, van Asse en Groot-Bijgaarden naar Dilbeek. 1e klasse, 3 tot 5 meter breed.

Wolsemstraet.- Plaatselijk, van het gehucht Wolsem naar Bodegem. 1e klasse, 5 meter breed.

Wolsemveldweg .- Van Wolsem naar Bruynen Lieven Heer. De helft van deze weg ligt op Bodegem. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.

Rondenbos naar Smissenbosstraet.- Plaatselijke verbindingweg van Bodegem naar Begijnenborre. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.                          

Cloosterstraet.- Verbindingsweg van Groot-Bijgaarden naar Dilbeek. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.

Van Elegem naar Eykelenberg.- Verbindingsweg van het gehucht Elegem naar het gehucht Moot-beek; nabij de windmolen te Moortebeek. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.

Cattebroeckweg.- Plaatselijk van Cattebroeck naar het dorp van Dilbeek. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.

Broekstraete.- Landbouwweg van plaatselijke aard van Dilbeek naar het Broek van Anderlecht. 1e klasse, 3 tot 5 meter breed.

Calenbergweg.- Plaatselijk van Dilbeek naar Koyvijver. 1e klasse, 3 tot 5 meter breed.

Brusselbaen.- Van gemeente tot gemeente, van Itterbeek en Bodegem naar Anderlecht; nu Itterbeeksebaan. 1e klasse, 4 tot 6 meter breed.

Weg van de kerk van Itterbeek.- Plaatselijke verbindingsweg van de kerk van Itterbeek naar Anderlecht langs de hoeve ’t Neerhof. 1e klasse, 4 tot 5 meter breed.

Vlaesendaelstraete.- Plaatselijke verbindingsweg van Dilbeek naar Koyevijver. 1e klasse 3 tot 5 meter breed.

Doras Keperstraet.- Plaatselijke verbindingsweg van deBrusselbaen naar Sint-Anna-Pede. 1e klasse , 4 tot 5 meter breed.

Koyevyverstraet.- Plaatselijke verbindingsweg van Sint-Anna-Pede naar Koyevyver en Anderlecht. 1e klasse, 3 tot 5 meter breed. Werd rechtgetrokken omstreeks het jaar 1917.

Kleyn Ninoveschebaen.- Plaatselijke verbindingsweg van Dilbeek (dorpsplein) naar Brussel;

de huidige Spanjebergstraat. 1e klasse, 5 meter breed.

Kleyn Ninoveschebaen.- Landbouwweg langs het Engsterveld van Moortebeek naar de Eykelenberg. 2e klasse, 3,30 meter breed.

Moortebeekstraete.- Losweg van Moortebeek naar Berchem. 2e klasse, 3,30 meter breed.

Cattestraet.- Losweg van de Eykelenberg naar Cattebroeck. 3,30 meter breed.

Caudenjert.- Landbouwlosweg van het dorp naar het Broeck van Anderlecht. 2e klasse, 3,50 meter breed.

Begynenborreweg.- Landbouwlosweg van Begijnenborre naar de Rondenbos. 2e klasse, 3,50 meter breed.

Molenberg.- Landbouwlosweg van de molen van Dilbeek naar deze van Sint-Anna-Pede. 2 tot 4 meter breed.

Lennicksenweg.- Landbouwlosweg van Lennik naar Anderlecht. 3,30 meter  breed.

Herdebeekstraet.- Lanbouwlosweg van het Herdebeekveld naar de hoeven Termille (Klein- en Groot Hof ter Mullen). 2 tot 3 meter breed.

Borrestraet.- Landbouwweg van het veld de Borrestraet naar Koyvyver. 2e klasse, 3,30 meter breed.

Langehaege.- Landbouwweg van Wolsem naar hoeve Rondenbos. 2e klasse, 3 meter breed.

Brusselweg.- Voetpad van Bodegem naar Dilbeek langs de Rondenbos. 2e klasse, 1 tot 1,5 meter breed.

Den Halleweg.- Voetpad van het klooster van Groot-Bijgaarden naar Halle voorbijgaand aan de molen van Dilbeek en de hoeven van Termoulle. 2e klasse.

Weg van Elegem.- Van Dilbeek naar de kerk van Groot-Bijgaarden. 2e klasse, 1 meter breed.

Weg van ’t Broeck.- Van Dilbeek naar Sint-Anna-Pede. 2e klasse, 1 meter breed.

 

De hoofdwegen overschrijden het plaatselijke karakter en wijzen allen in de richting van Brussel; waarvan het merendeel naar de dominante Moederparochie Anderlecht. Vanuit deze waaieren zij als het ware in noordwestelijke richting uit over het grondgebied van Dilbeek. De overige wegen zijn van plaatselijke aard als verbindingen tussen de hoofdwegen. Zij overschrijden niet of nauwelijks het grondgebied, en zijn van jongere datum. Vele straten zijn ontstaan uit een voorgeschiedenis als veld- of voetweg, zoals bv. De baron Robert de Vironlaan. Deze primaire wegen – die wij allen nog terugvinden in de Atlas der Buurtwegen uit 1842- vormen een ander verhaal. In vele gevallen ontstaan als afbakening van grote akkers of als doorgangen in een bos, behoren zij tot de oudste van onze gemeente. De hoofdwegen in hun huidige benaming zijn:

De Oude Ninoofsebaan (zie wegennet).

De Bodegemstraat, met in haar verlengde de Itterbeeksebaan.

De Koeivijverstraat.

De Broekstraat -die vòòr de rechttrekking van de Ninoofsesteenweg- in rechte lijn aansloot op de Molenbergstraat en verder op de Oude Ninoofsebaan.

De Stationsstraat , met in haar verlengde de Kasteel- de Spanjeberg- en de Kaudenaardestraat.

De Kloosterstraat, als voortzetting van de Henri Moeremanslaan (vroeger deel van de Oude Ninoofsebaan).

De Elegemstraat, met in haar verlengde de Oude Eikelenberg- de Eikelenberg (gescheiden door de Ring) – en de Moortbeekstraat, om aan te sluiten met de Ninoofsesteenweg op het grondgebied van Sint-Jans-Molenbeek.

De Kattebroekstraat, beginnende aan de Maalbeekstraat, verder links de Thaborstraat en de Bergen met de Palokestraat tot aan de Ninoofsesteenweg.
 


De Verheydenstraat begin 20e eeuw


De spoorwegen

In het uiterste noorden aan de grens met Groot-Bijgaarden in het gehucht Wolsem kwam in de periode 1853-1856 de spoorverbinding Brussel-Aalst tot stand door de “Sociéte Anonyme du chemin de Fer de Dendre et Waes”. De inhuldiging had plaats op 1 mei 1856. De concessie werd in 1876 door de Belgische staat teruggekocht en in 1926 door de Nationale Maatschappij van Belgische Spoorwegen (N.MB.S.) overgenomen. Het stationsgebouw werd opgetrokken in 1863 volgens de plannen van architect J.P. Cluysenaer, die tevens het huidige gemeentehuis ontwierp. De eerste ‘chef der statie ijzeren weg’  vanaf 19 maart 1864 was Franciscus Ost, 30 jaar oud,  geboren in Dendermonde op 10 mei 1835. Hij was gehuwd met Anatolia Marivoet,  geboren te Puers op 30 april 1842. Hun tweede zoon Eneas Jan Cornelius werd te Dilbeek-Wolsem geboren op 26 juli 1864. Dat er soms onenigheid bestond met de naburige staties bewijst het volgende voorval. Op 4 augustus 1865 krijgt Franciscus een vermaning wegens toebrengen van slagen op     Louis Peerlinckx, bareelwachter aan de ijzerenweg te Groot-Bijgaarden.

Eerste ontvanger van de slagboom te Dilbeek was Jacobus Raspoet, in 1863 herbergier en geboren te Dilbeek in 1802, gehuwd met Elisabeth Bosschaert. Als bareelwachter in 1865 kennen we Franciscus De Deyn, gehuwd met Victorina Vandenhoute. Van bij de ingebruikname van de spoorweg vielen er reeds doden te betreuren. Op 21 januari 1865 om 8,25 uur s’ avonds wordt Guillielmus Esselinckx, 31 jaar en timmerman, geboren en wonende te Groot-Bijgaarden, verpletterd door het goederenkonvooi komende van Gent. Dit gebeurde in onze statie evenals het volgende. Op 2 juni 1872 om 6,34 uur s’avonds werd Petrus Antonius Steenput, 17 jaar en geboren te Sint-Kathrina-Lombeek, zonder beroep, verpletterd door een konvooi (snelheid). In het uiterste zuiden wordt het gehucht Koeivijver eveneens doorkruist door een spoorweg. Deze kwam er in 1932 door de N.M.B.S. voor een verbinding Gent-Brussel-Zuid.

       
De treinstatie begin 20e eeuw. Dit gebouw werd opgericht in 1880.
Rechts: stationschef Jacobus Ludovicus Breugelmans (°1885 †1943)

De tramlijn

De opening van het baanvak Brussel-Dilbeek-Itterbeek-Schepdaal had plaats op 8 september 1887.

Op de zitting van Zondag 12 Mei 1907 werd door het kerkfabriek het volgende beslist:

Gezien:

De voorlopige akte van verkoop aan den Staat aan de nationale maatschappij der buurtspoorwegen, mits den prijs van twee duizend vier fr. en 53 centiemen, van eenen grond groot zes aren vijf en tachtig centiaren, deelmakende van een perceel land, gelegen te Dilbeek, ter plaatse genaamd Roelandsveld, groot drij en dertig aren tachtig centiaren, ieder voor de helft aan de Kerkfabriek en het weldadigheidsbureel van Dilbeek, verhuurd aan Egidius Mertens, grond bestemd tot het bouwen eener bergplaats voor de rijtuigen van den ontworpen electriekschen dienst van Brussel tot Dilbeek der buurtspoorweglijn Brussel-Ninove;

De uittreksels van het kadastraal plan;

Het uittreksel van den kadastrale legger;

Het proces-verbaal van schatting;

Het art. 12 van het dekreet van 30 December 1809;

Overwegende dat er openbaar nut bestaat en dat de aangeboden prijs voor de Kerkfabriek voordeelig is;

Besluit:

  1. Den grond, hierboven beschreven, aan den Staat en de nationale maatschappij van Buurtspoorwegen, mits den prijs van tweeduizend vier fr. 53 centiemen af te staan;

  2. Den opbrengst van het verkoop te plaatsen in gemeentecrediet aan 3%;

  3. Te geven, zoo als de raad bij deze geeft, volmacht aan de Heeren Voorzitter en Secretaris van het Kerkmeestersureel, om de Kerkfabriek te vertegenwoordigen bij het passeren van de eindelijke akte van verkoop en aan den schatbewaarder om den verkoop prijs te ontvangen en er kwijtschrift van te geven.

  4. Afschrift dezer zal aan de hoogere overheden, zoo wereldlijke als geestelijke tot goedkeuring onderworpen worden; gevolgd door handtekeningen van diverse instanties: de kerkfabiekraad, de gemeenteraad, het bisdom Mechelen, de bestendige deputatie, en de provincie.

Op de zitting van 7 december 1911 besliste de kerkfabriekraad het volgende:

Gezien:

 

Den brief van 27 November laatstleden, bij den welken de Heer Allard, agent der nationale maatschappij van Buurtsporrwegen, ter kennis aan de Kerkfabriek brengt: a) dat hij aangesteld is voor het aankopen van acht aren twee en zeventig centiaren grond, deelmakende van het perceel land gekadastreerd wjk D n. 90b, gelegen te Dilbeek op ’t Roelandsveld en tobehoorende voor eene helft aan de Kerkfabriek en voor de andere helft aan het armbestuur van Dilbeek;

b) Dat hij, onder voorbehoud van goedkeuring door de Maatschappij van Buurtspoorwegen, voor gemelden grond, die moet dienen voor het vergrooten van de bergplaats voor rijtuigen der spoorweglijn Brussel-Ninove, den prijs van 35 000 fr.per hectaar of fr. 3052 aanbiedt.

De uittreksels van het kadastraal plan en van den kadastrale legger;

Het proces-verbaal van schatting;

Artikel 76, 1° der wet van 30 Meert 1836 gewijzigd door degene van 30 juni 1865;

Overwegende dat er op gezegd Roelandsveld, in de nabijheid van het perceel der Kerkfabriek, landen verkocht zijn tegen 65000 fr. per hectaar;

Overwegende dat, bijgevolg bovengemeld aanbod alhoewel men rekening houde an de ligging van den gevraagden grond die het achterdeel des perceels uitmaakt ontoeeikend is en daarenboven ergoedingen voor waardevermindering van den restant des perceels en voor wederaanleg begrijpt;

Overwegende dat er openbaar nut bestaat;

Besluit:

  1. Gemeldengrond aan den Staat en de Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen te verkoopen aan den prijs, alle vergoedingen begrepen, van drij duizende negenhonderd en vier en twintig fr., waarvan de helft aan de Kerkfabriek toekomt;

  2. Den verkoopprijs te plaatsen in obligaties 3% ’s jaars interest barende der vennootschap ’t Gemeentekrediet met inschrijving op het grootboek der Maatschappij;

  3. Volmacht te geven bij deze aan de Heeren Voorzitter en Secretaris van het Kerkmeestersbureel om de Kerkfabriek te vertegenwoordigen bij het passeeren der voorlopige en eindelijke akte van verkoop

  4. En aan de Heer Schatbewaarder der Kerkfabriek om den verkoopprijs te ontvangen en er kwijtschrift van te geven.

  5. Afschrift dezer zal aan het advies van den Gemeenteraad en daarna aan de goedkeuring der geestelijke en wereldlijke Overheden onderworpen worden; gevolgd door handtekeningen van dezelfde instanties als bij v.n. zitting.
     

 


De tramstatie vóór de elektrificatie


De stoomtram (de vapeur) in 1913 aan de Ninoofsesteenweg te Dilbeek
 

In 1888 en 1889 reden hier ook 2 ROWAN-Stoommotorwagens. Daar Dilbeek een zeer heuvelachtige gemeente is, gebeurde het dat de passagiers moesten uitstappen omdat de stoomtram soms de hellingen niet op kon. In 1917 werd de spoorlijn van de stoomtram (à-vapeur) Dilbeek-Ninove door de Duitsers opgebroken. De spoorstaven werden vervoerd naar Duitsland ten gerieve van de oorlogsfabrieken. Op 22 maart 1910 werd de elektrische dienst in gebruik genomen op het baanvak (Ninoofse Poort) – Dilbeek.



Elektrisch motorrijtuig te Dilbeek in 1913 van het Ateliers de Manage 1910